Wanneer je uit één blok hout meerdere kommen draait die in elkaar passen, noem je dat een nest. Onder begeleiding van Ali Asadi hadden we al eerder een nest gedraaid, maar nu kwam het erop aan om, net als bij de pot met bajonetsluiting eerste zelf het benodigde gereedschap te smeden en daarna te testen. Waarom je andere draaihaken nodig hebt, zal dadelijk blijken.


Het begint eigenlijk hetzelfde al een enkele kom. Namelijk met het grof in vorm hakken van de buitenvorm van de kom. Omdat je echter meerdere kommen in elkaar wil hebben, begin je wel vaak met een wat groter blok.


Vooral bij zo’n grote kom, beginnen we vaak met het vlak maken van de bovenzijde van de kom, zodat, wanneer je de buitenzijde gaat vormen, de kom volledig symmetrisch is en het hout dus zo stabiel mogelijk draait. Dit komt een strakke afwerking van de buitenzijde ten goede.


Dan komt het lastigste stuk van een nest. Je wil de gleuf tussen de buitenste en de volgende kom zo smal mogelijk hebben. Hiertoe gebruik je een draaihaak die zoveel mogelijk de zelfde kromming heeft als de buitenste kom. Daarmee kan je precies de buitenwand van de buitenste kom volgen, waarbij het stuk in het midden (de kern, waar je spil met koord in zit) zo groot mogelijk blijft. Dat moet namelijk de volgende kom worden!


Wanneer de eerste kom dan gedraaid is, kan de kern die je over houdt weer terug op de draaibank gezet worden en kan de tweede kom gedraaid worden. In principe kan je zo heel veel kommen in elkaar draaien, afhankelijk van de grootte van het stuk hout waarmee je begint, de correcte vorm van de haken en je kunde.
